Niet elke installatie bevat koudemiddel of werkt op gas. Denk aan elektra, zonnepanelen of laadpalen — ander werk dat een monteur uitvoert en ook wil vastleggen in Climatools. Daarvoor gebruik je het installatietype Overige. Dit artikel laat stap voor stap zien hoe je een Overige installatie toevoegt.


INHOUDSOPGAVE


Waar begin ik?

Ga naar Installaties in het menu links, en klik rechtsboven op Toevoegen. Kies vervolgens Overige.

Installaties → Toevoegen → Overige


Eigenaar

Kies eerst of de eigenaar van de installatie een particulier of een bedrijf is, en selecteer de klant. Heeft deze klant meerdere adressen? Dan krijg je een keuzelijst te zien om het juiste adres te selecteren.

Eigenaar van de installatie


Overige

Dit blok bevat de basisgegevens van de installatie. Omdat Overige installaties sterk kunnen verschillen — van een laadpaal tot zonnepanelen — zijn hier minder velden verplicht dan bij een koel-/klimaatinstallatie of gasverbrander.

Overige — basisgegevens


• Installatienummer: Verplicht. een unieke code voor deze installatie. Met de generator-knop naast het veld kun je automatisch een installatienummer laten genereren; wat deze knop precies genereert, stel je zelf in, zie Hoe stel ik het nummerformaat in?.


Let op: een installatienummer moet uniek zijn en moet ook op de kenplaat komen. We raden aan om te kiezen voor Postcode-Huisnummer-Volgnummer. Het volgnummer is dan 01 voor de eerste installatie op deze postcode-huisnummer, en 02 voor de tweede op hetzelfde adres. Ga je naar een nieuw adres, dan begint het volgnummer weer bij 01. Bijvoorbeeld: 3012AG-139-01. 


• Status: Automatisch. staat standaard op Actief. Zet de installatie op Inactief als deze (tijdelijk) niet in gebruik is.


• Machinenummer: Optioneel. voor je eigen interne registratie, bijvoorbeeld een intern nummer van de fabrikant.


• Installatiegezondheid: Automatisch. wordt automatisch bijgehouden op basis van de geschiedenis van de installatie (zie Wat kan ik doen met een bestaande installatie? en Hoe wordt de installatiegezondheid bepaald?). Bij het aanmaken van een nieuwe installatie hoef je hier niets in te vullen.


• Serienummer: Verplicht. het serienummer van de installatie, bijvoorbeeld te vinden op het typeplaatje.


• Locatie: Verplicht. waar in het pand de installatie zich bevindt, bijvoorbeeld “Parkeerplaats” of “Dak”.


• Merk en Model: Optioneel. kies het merk en model van de installatie uit de lijst, indien van toepassing.


Oplevering & beheer

Ook dit blok is bij een Overige installatie volledig optioneel in te vullen.

Oplevering & beheer


• Bouwjaar: Optioneel. het bouwjaar van de installatie, indien bekend.


• Opleveringsdatum: Optioneel. staat standaard op vandaag, maar kun je aanpassen naar de werkelijke opleveringsdatum.


• Laatste onderhoud uitgevoerd: Optioneel. vul dit in als er al eerder onderhoud is uitgevoerd, bijvoorbeeld door een ander bedrijf.


• Onderhoudscyclus: Optioneel. hoe vaak onderhoud aan deze installatie gepland moet worden, als dat voor dit type installatie van toepassing is.


Elektrische gegevens & Notities

Beide velden zijn optioneel. Vul bij Elektrische gegevens de Aansluitspanning in, bijvoorbeeld bij een laadpaal. Bij Notities kun je vrije opmerkingen over de installatie kwijt.

Elektrische gegevens & Notities


Opslaan

Klik rechtsboven op Toevoegen om de installatie op te slaan.


En daarna? Eenmaal opgeslagen vind je bij deze installatie dezelfde functies terug als bij een koel-/klimaatinstallatie: een geschiedenis-tijdlijn en het Meer-menu met acties zoals kopiëren, downloaden en overdragen. Zie Wat kan ik doen met een bestaande installatie? voor meer uitleg.